Fransızca'da spreken

Telaffuz
1. (aktie) parole (f) 2. (toespraak) parler de; prononcer une allocution
3. (woorden) prononcer; parler 4. (taal) parler
5. (een gesprek voeren) converser; s'entretenir avec; parler avec; dialoguer

Eş anlamlılar

1. onderhouden
2. praten: babbelen, kletsen, kouten, kwebbelen
3. zeggen: meedelen, opmerken, uitspreken, verklaren, verkondigen, vermelden, vertellen
4. pleiten: verdedigen
5. reppen: aanroeren, gewag maken
6. uiten: opperen, slaken, uitdrukken, uitspreken, zeggen



dictionary extension
© dictionarist.com